Archief voor9

Mosterdpuree met braadworsten en tuinerwten

2 personen:
500 g kruimige aardappels, geschild
2 eetlepels olie
2 braadworsten
225 g tuinerwten (diepvries)
25 g boter
½ eetlepel grove mosterd
75 ml volle yoghurt
½ zak rucolasla

Mosterdpuree met braadworsten en tuinerwten

Kook de aardappels in een bodempje water met zout met de deksel op de pan in 20 minuten gaar. Verhit 1 eetlepel olie in een koekenpan en bak de braadworsten hierin in 15 minuten rondom bruin en gaar. Doe de erwtjes direct uit de vriezer met de boter en 4 eetlepels water in een pan. Stoof de erwten in 3-5 minuten op middelhoog vuur gaar, schep regelmatig om. Giet de aardappels af en stamp ze met de mosterd, yoghurt en de rest van de olie tot een smeuïge puree. Breng op smaak met zout en (versgemalen) peper. Schep de rucola door de puree en schep de erwtjes en de braadworsten erop. Serveer direct.

Kipfilets met kerrie

2 personen:
2 halve kipfilets
250 g champignons
1 ui
1 appel
2 dl kippenbouillon
sap van 1 citroen
50 g zure room
2 el zonnebloemolie
1 kopje bloem
1 teentje knoflook
1 el kerrie
peper en zout

Kipfilets met kerrie

Leg de kipfilets op een schotel en besprenkel ze met citroensap. Laat op een koele plaats 3 uur trekken

Verwarm in een brede kookpan 1 eetlepel zonnebloemolie en laat de fijngesnipperde ui op een zacht vuur glazig worden. Voeg er dan de geschilde en in schijfjes gesneden appel aan toe en het geplette teentje knoflook. Roer goed om. Laat op een heel zacht vuur tot moes stoven (5 à 10 minuten).

Bestrooi met 1 eetlepel bloem die u met de kerrie hebt gemengd. Roer goed om en laat even stoven. Leng, al roerend, aan met de kippenbouillon en klop er de zure room onder en 1 koffielepel citroensap. Laat met het deksel op de pan, op een heel zacht vuur gedurende 10 minuten sudderen.

Intussen wentelt u de kipfilets in de rest van de bloem en schudt u ze af. Bak ze in de resterende olie tot ze lichtbruin zijn (2 minuten aan elke kant). Kruid met peper en zout. Doe dan de stukken vlees bij de saus en laat nog 15 minuten gaar worden.

Snij de champignons in schijfjes en stoof ze 5 à 10 minuten in boter met wat citroensap, peper en zout. Voeg de champignons en het stoofvocht de laatste 5 minuten bij het vlees. Als de saus wat te dun is, neemt u het deksel van de pan zodat het overtollige vocht kan verdampen. Kruid naar smaak met peper en zout.

Dien op met basmatirijst.

Gehaktballen

2 sneetjes oud witbrood
5 eetlepels melk
1 kleine ui
500 g rundergehakt
1 ei
zout en (versgemalen) peper
nootmuskaat
4 eetlepels paneermeel
50 g boter of margarine
1 dl tomatensap

Gehaktballen

Korstjes van brood snijden. Sneetjes in diep bord leggen en melk erover sprenkelen. Brood ca. 5 minuten laten weken. Ui pellen en heel fijn snipperen. Gehakt in kom doen. Brood uitknijpen, in stukjes snijden en aan gehakt toevoegen. Ei erboven breken. Ui met zout, peper en nootmuskaat naar smaak toevoegen. Alles goed door elkaar mengen en gehakt even door kneden (voorkomt scheuren!).

Gehakt in 4 porties verdelen en met vochtige handen tot gladde ballen vormen. Gehaktballen door paneermeel rollen. In braadpan boter verhitten tot schuim weg trekt. Gehaktballen op hoog vuur rondom bruin bakken, steeds voorzichtig met spatel keren. Langs rand van pan tomatensap en 1 dl water erbij schenken.

Met deksel schuin op pan gehaktballen in ca. 25 minuten zachtjes gaar braden. Af en toe keren. Serveren met gekookte aardappels en bloemkool.

Risotto met vier kazen

300 g rijst
2 sjalotten, gesnipperd
ca 1 l kippenbouillon
1 glas droge witte wijn
olijfolie
1 el gezouten boter
50 g parmezaan
50 g pecorino
50 g ricotta
50 g mozzarella
50 g rucola
peper

Risotto met vier kazen

Fruit de sjalot glazig in olijfolie. Strooi er de rijst bij. Roerbak tot de korrels glazig zijn. Schenk er de wijn en een soeplepel bouillon bij. Bereid de risotto verder volgens het basisrecept.

Rasp de parmezaan, de mozzarella en de pecorino. Vermeng met de ricotta. Schep de vier kazen en de boter door de rijst. Kruid naar smaak bij met peper uit de molen. Werk af met wat gesnipperde rucola.

Gesmoorde bleekselderij

4 struiken bleekselderij
30 g roomboter
2 el olijfolie
1 laurierblad
1/2 tl versgemalen peper
1/4 tl zout
2,5 dl kippenbouillon

Gesmoorde bleekselderij

Haal de taaie buitenstengels van elke struik bleekselderij, zodat u alleen de malse harten overhoudt. Snijd de ruwe randjes van de onderkant van de struik bleekselderij bij, maar houd de onderkant wel aan één stuk. Snijd elk bleekselderijhart in de lengte in vieren.

Verhit de boter met de olijfolie in een grote koekenpan op een matig vuur. Leg er wanneer de boter schuimt de stukken bleekselderij met de onderkanten en bovenkanten om en om naast elkaar in. Bak ze 2 tot 3 minuten, waarbij u ze één keer omdraait, tot ze glanzen en iets slapper zijn geworden.

Draai het vuur lager en voeg het laurierblad, de peper en het zout toe. Leg het deksel op de pan en laat circa 10 minuten zachtjes smoren tot de bleekselderij goudbruin wordt. Neem het deksel van de pan, giet er de bouillon over en laat nog circa 10 minuten smoren tot de bleekselderij botergaar is.

Schik ze voor het serveren op een voorverwarmde dienschaal en schep er wat van het jus over.

Gekookte mosselen

2 personen:
2 kg verse mosselen
1 ui
1 grote wortel
2 stengels bleekselderij
3 takjes peterselie
1 laurierblaadje
2 1/2 dl droge witte wijn

Gekookte mosselen

De mosselen grondig wassen in een bak met koud stromend water. Kapotte schelpen verwijderen. Ui pellen en in ringen snijden. Wortel schoonmaken en in plakken snijden. Bleekselderij wassen en in grove stukken snijden.

De mosselen met groenten, peterselie, laurier en wijn in een grote pan opzetten en afgedekt in 5 à 8 minuten op hoog vuur gaar koken tot alle schelpen open zijn. De pan af en toe goed omschudden. Ongeopende schelpen verwijderen. Mosselen uit pan serveren met warm stokbrood of frietjes.

Aubergine-wortelsoep

1 el olijfolie
1 aubergine, geschild en in blokjes
2 wortels in schijfjes
1 tomaat, in blokjes
3 uien gesnipperd
3 teentjes knoflook, geperst
1,5 liter kippenbouillon
1/4 tl tijm
1 laurierblaadje
1/8 tl gemalen koriander
1 el tomatenpuree
1,5 dl room
peper en zout
Voor de citroen-knoflookmix:
geraspte schil van 1/2 citroen
1 teentje knoflook, geperst
3 el fijngehakte verse peterselie

Aubergine-wortelsoep

Verhit de olie en bak de ui en het knoflook glazig. Voeg de aubergine, de tomaat, de wortels, de bouillon, de tijm, het laurierblaadje, de koriander, de tomatenpuree en een snufje zout toe. Roer het geheel door elkaar. Dek af en laat het geheel 25 minuten pruttelen.

Verwijder het laurierblad. Pureer de soep. Breng op een laag vuur opnieuw aan de kook. Voeg peper en zout naar smaak toe.

Hak voor de citroen-knoflookmix de citroenschil, het knoflook en de peterselie fijn. Schep de soep in warme kommen of borden en garneer hem met de citroen-knoflookmix. In plaats daarvan kunt u ook vleesballetjes toevoegen.